Vraag Fightcard aanMaak hem nu aan →Vraag keurmerk aanNaar de aanvraag →
Officials · Versie 1.0 · oktober 2026

Reglement Officials

De regels voor NVB-officials bij kickboksen, thaiboksen en Full Muaythai: rollen, professionaliteit, onafhankelijkheid, inzetbaarheid, werkzaamheden en verantwoordelijkheden voor, tijdens en na een evenement.

Officials

Reglement Officials

De regels voor NVB-officials bij kickboksen, thaiboksen en Full Muaythai: rollen, professionaliteit, onafhankelijkheid, inzetbaarheid, werkzaamheden en verantwoordelijkheden voor, tijdens en na een evenement.

Dit reglement is volledig leesbaar en doorzoekbaar op deze pagina.

Hoofdstuk 1 Gebruik en status reglement

Dit reglement bevat de regels voor het functioneren van officials van de Nederlandse Vechtsportbond (NVB).

Het reglement heeft tot doel:

bij te dragen aan de veiligheid en het welzijn van atleten;

een uniforme toepassing van de wedstrijdreglementen te bevorderen;

de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van officials te waarborgen;

de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van officials vast te leggen;

duidelijkheid te bieden over het handelen van officials voor, tijdens en na een evenement.

1.1. Doelgroep

Dit reglement is van toepassing op alle personen die door of namens de NVB als official worden aangewezen of ingezet voor wedstrijden in:

Kickboksen;

Thaiboksen;

Full Muaythai.

Het reglement geldt voor alle wedstrijdklassen en wedstrijdvormen waarbij officials door of namens de NVB worden ingezet.

Voor kickboksen en thaiboksen blijft het geldende wedstrijdreglement en de bijbehorende aanvullende bepalingen van toepassing. Voor Full Muaythai geldt dit reglement alleen voor zover het IFMA- & WMC-reglement niet in het betreffende onderwerp voorzien.

1.2. Rollen in het officialteam

Binnen het officialteam kunnen de volgende rollen worden ingezet:

hoofdjury;

scheidsrechter;

jurylid;

tijdwaarnemer;

scorekeeper;

ringinspecteur.

Iedere official handelt binnen de taken en bevoegdheden die bij de eigen functie horen. De concrete taken en werkwijzen worden in de volgende hoofdstukken van dit reglement beschreven.

Aan het officialteam kunnen officials in opleiding worden toegevoegd.

1.3. Toepassing voor, tijdens en na een evenement

Dit reglement is van toepassing op de werkzaamheden van een official:

tijdens de voorbereiding op een evenement;

bij de weging, medische controle en rulesmeeting, wanneer de official daarbij een taak heeft;

tijdens de wedstrijden;

bij de administratieve afhandeling na afloop.

De bepalingen over integriteit, onafhankelijkheid, vertrouwelijkheid en professioneel gedrag gelden ook buiten een evenement wanneer het handelen verband houdt met de officialfunctie.

1.4. Relatie tot andere documenten

Dit reglement wordt toegepast in samenhang met de geldende documenten van de NVB en, voor Full Muaythai, de IFMA- & WMC-reglementen.

Daaronder vallen in ieder geval:

het Wedstrijdreglement kickboksen en thaiboksen;

het Reglement Promotors;

het Sanctiebeleid;

het Klachtenreglement;

de Algemene Gedragsregels Full Contact Vechtsporten;

het Integriteitsbeleid;

Grensoverschrijdend gedrag en meldplicht seksuele intimidatie en misbruik;

het Protocol dubbelfuncties;

het Tuchtreglement full-contact vechtsport;

de IFMA-& WMC-reglementen.;

verige door de NVB vastgestelde regels en besluiten.

Dit reglement vult deze documenten aan en herhaalt de daarin opgenomen regels en procedures niet.

1.5. Voorrang en tegenstrijdigheid

Bij een verschil tussen dit reglement en een ander specifiek NVB-reglement geldt de bepaling uit het document dat het betreffende onderwerp rechtstreeks regelt.

Dit betekent dat:

wedstrijdtechnische regels voor kickboksen en thaiboksen worden bepaald door het Wedstrijdreglement kickboksen en thaiboksen;

wedstrijdtechnische regels voor Full Muaythai worden bepaald door

de IFMA & WMC- reglementen;

verplichtingen van promotors worden bepaald door het Reglement Promotors;

klachten worden behandeld volgens het Klachtenreglement;

sportrechtelijke maatregelen worden behandeld volgens het Sanctiebeleid;

tuchtrechtelijke zaken worden behandeld volgens het Tuchtreglement full-contact vechtsport.

1.6. Begrippen en afkortingen

In het Reglement Officials wordt verstaan onder:

Begrip

Betekenis

Atleet

De persoon die deelneemt aan een wedstrijd.

Bestuur

Het bestuur van de Nederlandse Vechtsportbond.

Evenement

Een bijeenkomst waarbij een of meer wedstrijden onder verantwoordelijkheid of met goedkeuring van de NVB worden georganiseerd.

Fightpassport

Het digitale wedstrijdboekje waarin de relevante gegevens van een atleet worden geregistreerd.

Full Muaythai

De discipline waarvoor de IFMA & WMC reglementen gelden. Dit reglement is alleen aanvullend van toepassing.

Hoofdofficial

De official die tijdens een evenement leidinggeeft aan het officialteam en toezicht houdt op de uitvoering van de werkzaamheden.

Hoofdjury

De official die aan de ring operationeel leidinggeeft aan het officialteam en de wedstrijdbeslissing controleert en definitief vaststelt.

IFMA

International Federation of Muaythai Associations.

Jurylid

De official die iedere wedstrijd zelfstandig beoordeelt en de score per ronde vastlegt.

Knockdown

Een situatie waarin de scheidsrechter volgens het toepasselijke wedstrijdreglement een telling start.

Matchmaking

De vastgestelde indeling van de wedstrijden en de bijbehorende gegevens van de atleten.

Minpunt

Een punt dat op aanwijzing van de scheidsrechter van de score van een atleet wordt afgetrokken.

NVB

De Nederlandse Vechtsportbond.

Official

Een persoon die door of namens de NVB is aangewezen om een wedstrijdtechnische, beoordelende, registrerende of leidinggevende taak uit te voeren.

Officialteam

De officials die voor een evenement of wedstrijd zijn aangewezen.

Officiële waarschuwing

Een waarschuwing die de scheidsrechter zichtbaar aan de atleten en officials kenbaar maakt en waaraan een minpunt is verbonden.

Ringarts

De arts die tijdens een evenement verantwoordelijk is voor de medische beoordeling van atleten.

Ringinspecteur

De functionaris die toezicht houdt op de orde en op het handelen van atleten, coaches en verzorgers in en rondom de ring.

Rulesmeeting

Het overleg voor de start van een evenement waarin de toepasselijke regels en bijzonderheden worden besproken.

Scheidsrechter

De official die de wedstrijd leidt en toeziet op de veiligheid en de naleving van de wedstrijdregels.

Scorekeeper

De official die de hoofdjury ondersteunt bij de administratieve verwerking van scores en wedstrijdbeslissingen.

Tijdwaarnemer

De official die de wedstrijdtijd, rondetijd, pauzes en hersteltijden bewaakt.

Vermaning

Een korte mondelinge correctie bij een lichte overtreding.

Waarschuwing

Een waarschuwing die de scheidsrechter na een onderbreking aan de betreffende atleet geeft, zonder minpunt.

Het geldende NVB-reglement met de wedstrijdregels voor de betreffende discipline en wedstrijdvorm.

Wedstrijdruimte

de ring of kooi waarin/waarop de wedstrijd plaatsvindt.

1.7. Vaststelling, beheer en wijzigingen

Dit reglement wordt vastgesteld door het bestuur van de NVB.

De meest recent vastgestelde en gepubliceerde versie is van toepassing. Met de inwerkingtreding van een nieuwe versie vervallen alle eerdere versies van dit reglement.

Wijzigingen worden door het bestuur vastgesteld en via de officiële communicatiekanalen van de NVB bekendgemaakt.

De NVB draagt zorg voor het beheer, de publicatie en de actualiteit van het reglement.

Hoofdstuk 2 Professionaliteit, integriteit en inzetbaarheid officials

Een official draagt vanuit de eigen functie bij aan een veilige, eerlijke en professionele sportomgeving. De veiligheid en het welzijn van de atleten staan daarbij voorop.

Een official:

handelt professioneel, beheerst en respectvol;

behandelt atleten, coaches, collega-officials en andere betrokkenen gelijkwaardig;

nthoudt zich van discriminerend, intimiderend, agressief, kleinerend of seksueel grensoverschrijdend gedrag;

communiceert duidelijk en respectvol;

respecteert de persoonlijke grenzen en privacy van anderen;

is op tijd, goed voorbereid en draagt de voorgeschreven officialkleding;

werkt constructief samen met andere betrokkenen;

kent de actuele reglementen die voor de eigen functie van toepassing zijn en past deze zorgvuldig toe;

vervult binnen en buiten de wedstrijdruimte een voorbeeldfunctie.

2.1. Onafhankelijkheid en onpartijdigheid

Een official vervult de eigen taak onafhankelijk, onpartijdig en naar eer en geweten. Beslissingen worden uitsluitend gebaseerd op de geldende wedstrijdreglementen, de eigen waarneming en de bevoegdheden die bij de functie horen.

Een official:

voorkomt belangenverstrengeling en de schijn daarvan;

laat zich niet beïnvloeden door atleten, coaches, publiek, promotors, media of andere betrokkenen;

is niet betrokken bij een wedstrijd wanneer een persoonlijke, sportieve, zakelijke of financiële relatie de onpartijdigheid kan beïnvloeden;

aanvaardt geen geld, geschenken, diensten of andere voordelen die de onafhankelijkheid kunnen aantasten;

werkt niet mee aan matchfixing of andere vormen van wedstrijdmanipulatie;

wedt niet op wedstrijden waarbij de official direct of indirect betrokken is;

deelt geen vertrouwelijke informatie die kan worden gebruikt voor weddenschappen of wedstrijdmanipulatie.

Een mogelijk belangenconflict wordt zo spoedig mogelijk gemeld bij de hoofdofficial. De hoofdofficial bepaalt of de official kan worden ingezet. Wanneer het belangenconflict de hoofdofficial betreft, wordt dit gemeld bij de officialcoördinator of een andere door de NVB aangewezen functionaris.

2.2. Dubbelrollen

Een official combineert tijdens hetzelfde evenement geen officialrol met een andere functie die de onafhankelijkheid of onpartijdigheid kan beïnvloeden.

Een official treedt tijdens hetzelfde evenement daarom niet tevens op als:

promotor of matchmaker;

manager van een deelnemende atleet;

andere functionaris met een direct belang bij het verloop of de uitslag van een wedstrijd.

Het combineren van de rol van coach, verzorger of begeleider van een deelnemende atleet is niet wenselijk.

Het combineren van verschillende officialtaken is toegestaan wanneer deze verenigbaar zijn en de hoofdofficial daarmee instemt.

2.3. Vertrouwelijkheid en persoonsgegevens

Een official gaat zorgvuldig en vertrouwelijk om met persoonsgegevens, medische informatie, wedstrijdgegevens en andere niet-officiële informatie.

Een official:

raadpleegt alleen informatie die voor de eigen taak noodzakelijk is;

deelt vertrouwelijke informatie alleen met bevoegde personen;

maakt geen privé-kopieën of foto’s van scorekaarten, medische gegevens, gegevens uit het Fightpassport of incidentrapporten;

bewaart documenten en digitale gegevens op een veilige manier;

levert formulieren en gegevens na gebruik in volgens de geldende werkwijze;

meldt verlies of onbevoegde inzage direct bij de hoofdofficial of de NVB.

De verplichting tot vertrouwelijkheid blijft ook na afloop van het evenement en na beëindiging van de officialfunctie gelden.

2.4. Media en sociale media

Een official communiceert zorgvuldig in de media en op sociale media en houdt rekening met de onafhankelijke positie van officials.

Een official:

deelt geen vertrouwelijke informatie;

bespreekt geen lopende protesten, klachten, meldingen of tuchtzaken;

beoordeelt beslissingen van collega-officials niet publiekelijk;

deelt geen beelden of informatie uit kleedkamers, medische ruimten of besloten officialruimten;

plaatst geen discriminerende, intimiderende, beledigende of anderszins grensoverschrijdende uitingen;

verwijst vragen over officiële NVB-aangelegenheden door naar de daarvoor aangewezen woordvoerder.

2.5. Alcohol, drugs en andere middelen

Een official is tijdens de inzet niet onder invloed van alcohol, drugs of andere middelen die de waarneming, het reactievermogen, de coördinatie of het beoordelingsvermogen kunnen beïnvloeden.

Een official moet gedurende de volledige inzet in staat zijn de eigen taak veilig en zorgvuldig uit te voeren. Wanneer medicatie of andere omstandigheden de inzetbaarheid mogelijk beïnvloeden, wordt dit tijdig gemeld bij de hoofdofficial.

De hoofdofficial kan een official uit de inzet nemen wanneer er redelijke twijfel bestaat over diens inzetbaarheid.

2.6. Voertaal

De voertaal tussen officials onderling en tijdens de wedstrijd in de ring is Nederlands. Commando’s en vaste termen die in het reglement in het Engels zijn voorgeschreven, worden in die vorm gebruikt.

2.7. Fysieke en mentale inzetbaarheid

Een official is verantwoordelijk voor de eigen fysieke en mentale inzetbaarheid. Ziekte, letsel, vermoeidheid, stress of andere omstandigheden die een goede taakuitvoering kunnen belemmeren, worden tijdig gemeld bij de hoofdofficial.

Een official:

begint uitgerust en voorbereid aan de inzet;

bewaakt de eigen concentratie en belastbaarheid;

meldt het wanneer verantwoord functioneren niet meer mogelijk is;

werkt mee aan aanpassing of beëindiging van de inzet wanneer dit voor de kwaliteit of veiligheid noodzakelijk is.

Het tijdig melden van verminderde inzetbaarheid wordt niet op zichzelf als verwijtbaar gedrag beschouwd.

2.8. Meldplicht bij incidenten en integriteitsschendingen

Een official meldt incidenten, misstanden en vermoedens van integriteitsschendingen tijdig via de daarvoor bestemde route.

Een incident tijdens een evenement wordt direct gemeld bij de hoofdofficial. Dit geldt in ieder geval bij:

(be)dreiging, agressie of geweld;

pogingen tot beïnvloeding;

mogelijke belangenverstrengeling;

nveilige omstandigheden;

ernstige medische of organisatorische incidenten;

ernstige overtredingen van wedstrijd- of gedragsregels.

2.9. Niet-naleving

Niet-naleving van dit reglement kan, afhankelijk van de aard en ernst van de gedraging, leiden tot:

een aanwijzing of waarschuwing;

aanvullende begeleiding of scholing;

aanpassing of beperking van de inzet;

een tijdelijke bevoegdheids- of kwaliteitsmaatregel;

toepassing van het Sanctiebeleid van de NVB;

behandeling volgens het geldende tuchtreglement;

melding bij een andere bevoegde instantie.

Bij de afhandeling wordt onderscheid gemaakt tussen onvoldoende vakbekwaam functioneren, een sportrechtelijke overtreding en tuchtrechtelijk verwijtbaar gedrag.

2.10. Medewerking aan protesten, klachten en meldingen

Een official werkt mee aan de behandeling van een protest, klacht, melding of ander onderzoek door de NVB wanneer daarom wordt verzocht.

De official verstrekt de gevraagde informatie en relevante vastleggingen feitelijk, volledig en binnen de gestelde termijn. De official onthoudt zich tijdens de behandeling van uitspraken die de onafhankelijkheid of zorgvuldigheid van de procedure kunnen beïnvloeden.

Hoofdstuk 3 Hoofdofficial

De hoofdofficial geeft leiding aan het officialteam.

De hoofdofficial:

stelt binnen de kaders van de NVB het officialteam samen;

controleert of de officials bevoegd, onafhankelijk en inzetbaar zijn;

informeert het officialteam over het programma en de geldende regels;

bewaakt de samenwerking en uniforme toepassing van de reglementen;

treedt op bij uitval, incidenten en onvoorziene omstandigheden;

rapporteert relevante bijzonderheden aan de NVB.

De hoofdofficial kan de inzet van een official aanpassen of beëindigen wanneer dit voor de kwaliteit, onafhankelijkheid of veiligheid noodzakelijk is.

De hoofdofficial kan één of meerdere taken overdragen aan de hoofdjury voorafgaand of tijdens het evenement.

3.1. Samenstelling, inzet en vervanging

De hoofdofficial stelt een officialteam samen dat past bij:

de discipline en wedstrijdvorm;

het aantal en niveau van de wedstrijden;

de omvang en duur van het evenement;

de vereiste kwalificaties;

de verwachte belasting van de officials.

Het officialteam moet uit voldoende gekwalificeerde en inzetbare officials bestaan om de wedstrijden veilig, onafhankelijk en zorgvuldig te begeleiden. Een officialteam bestaat uit ten minste 6 personen die in ieder geval de volgende rollen vervullen:

· hoofdjury;

· tijdwaarnemer;

· scheidsrechter(s);

· juryleden.

Het is mogelijk dat een official tijdens een evenement meerdere rollen vervult, maar niet tegelijkertijd.

Een official die niet of niet tijdig beschikbaar is, meldt dit zo spoedig mogelijk bij de hoofdofficial. De hoofdofficial zorgt voor een geschikte vervanger.

Een official in opleiding werkt onder verantwoordelijkheid van een bevoegde official en voert alleen taken uit waarvoor toestemming is gegeven. Een official in opleiding telt niet mee voor het aantal in te zetten officials.

3.2. Weging

Voor aanvang van ieder evenement vindt een officiële weging plaats. De weging wordt uitgevoerd door de hoofdofficial of een aangewezen official.

Voor de weging van alle atleten van een evenement wordt dezelfde weegschaal gebruikt. De weegschaal wordt geplaatst op een harde vlakke ondergrond.

De gewichten worden direct vastgelegd op de matchmaking van het evenement. Na afloop van de weging worden de gewichten gecontroleerd op basis van het afgesproken gewicht in de matchmaking.

Startverboden die voortvloeien uit het niet behalen van het afgesproken gewicht worden doorgeven aan de NVB.

Puntenaftrek en/of andere bijzonderheden naar aanleiding van de weging worden direct gedeeld met de atleet en de trainer.

Dispensatie voor gewicht bij jeugdatleten kan de door de hoofdofficial worden verleend conform het geldende wedstrijdreglement.

Direct na de weging wordt de matchmaking vastgesteld en gedeeld met de promotor.

3.3. Rulesmeeting

Voor de start van het evenement verzorgt een van de leden van het officialteam de rulesmeeting voor coaches of meerderjarige vervanger(s). Bij de rulesmeeting zijn de leden van het officialteam aanwezig. In deze rulesmeeting worden ten minste de volgende onderwerpen besproken:

het programma en de matchmaking, inclusief de aanvangstijd;

het toepasselijke wedstrijdreglement;

belangrijke aandachtspunten uit de regels;

bijzonderheden met betrekking tot het evenement;

mededelingen van de promotor.

3.4. Controle van de wedstrijdruimte en voorzieningen

De promotor is verantwoordelijk voor een veilige wedstrijdruimte. Voor de start van het evenement worden de wedstrijdruimte, de omgeving waar de officials hun taak uitvoeren en de voorzieningen gecontroleerd door een lid van het officialteam.

Voor aanvang van de eerste wedstrijd wordt de wedstrijdruimte gecontroleerd. Het uitgangspunt hierbij is dat zowel de officials als de atleten veilig kunnen werken.

In ieder geval de volgende onderwerpen gecontroleerd:

Wedstrijdruimte

(ring en kooi)

moet schoon zijn;

moet voldoen aan eisen wedstrijdruimte (bijlage 2);

mag geen elementen bevatten waaraan een atleet of official zich kan verwonden;

Ruimte officials

er staan voldoende tafels en stoelen voor de officials;

er staan stoelen in de hoeken voor trainers en verzorgers;

Handschoenen

hebben het voorgeschreven gewicht en type;

zijn onbeschadigd;

bevatten voldoende padding.

Scoringsysteem

de werking van het digitale scoringssysteem wordt voorafgaand aan het evenement gecontroleerd.

Eventuele afwijkingen of gebreken moeten voor aanvang van de eerste wedstrijd van het programma zijn hersteld.

De wedstrijdruimte moet voldoen aan de voorwaarden uit het Reglement Promotors.

Daar waar het Reglement Promotors niet voorziet in specifieke eisen aan de uitvoering van de wedstrijdruimte, zijn de eisen zoals beschreven in bijlage 2 van toepassing.

3.5. Taak- en wedstrijdindeling

Voor aanvang van het evenement wordt de taakindeling bekendgemaakt aan alle officials. Indien nodig wordt deze ook gedeeld met de ringspeaker.

Het vastgestelde programma wordt gedeeld met de ringarts, ringspeaker, fotograaf, camera- en videoregistratiemedewerkers, materiaalmedewerkers en de dj.

3.6. Wedstrijdadministratie

De hoofdofficial ziet erop toe dat de wedstrijdadministratie na afloop van het evenement volledig en volgens de geldende procedure wordt verwerkt en ingediend.

De hoofdofficial kan deze werkzaamheden zelf uitvoeren of een andere official aanwijzen om dit namens hem te verzorgen. De hoofdofficial blijft verantwoordelijk voor een juiste en tijdige afhandeling.

Hoofdstuk 4 Hoofdjury

4.1. Algemeen

De hoofdjury geeft operationeel leiding aan het officialteam dat aan de ring werkzaam is. De hoofdjury bewaakt het verloop van de wedstrijd en ziet toe op een juiste en uniforme toepassing van de geldende regels en procedures.

De hoofdjury is verantwoordelijk voor de controle en definitieve vaststelling van de wedstrijdbeslissing. Daarbij blijven de bevoegdheden van de scheidsrechter en juryleden, zoals vastgelegd in het wedstrijdreglement, van kracht.

Wanneer geen afzonderlijke scorekeeper is ingezet, voert de hoofdjury tevens de taken van de scorekeeper uit.

4.2. Toezicht op het officialteam

De hoofdjury houdt toezicht op de scheidsrechter, juryleden, tijdwaarnemer en overige officials.

De hoofdjury ziet erop toe dat iedere official de eigen taak zorgvuldig, onafhankelijk en volgens de geldende regels uitvoert. Bij fouten, onduidelijkheden of onvoorziene situaties geeft de hoofdjury procedurele aanwijzingen en informeert zo nodig de hoofdofficial.

4.3. Briefing

Voor aanvang van het evenement verzorgt de hoofdjury een briefing voor de aanwezige officials. Tijdens de briefing worden relevante bijzonderheden en aandachtspunten besproken.

4.4. Controle van scores en vaststelling van de uitslag

De hoofdjury controleert of de digitale en papieren scores volledig en juist zijn ingevuld en of de door de scheidsrechter kenbaar gemaakte knockdowns en officiële waarschuwingen correct zijn verwerkt.

Na afloop van de wedstrijd controleert de hoofdjury of alle scores en beslissingen juist zijn verwerkt en/of de berekende uitslag daarmee overeenkomt.

Administratieve of invoerfouten worden volgens de geldende procedure hersteld. Een inhoudelijke score van een jurylid wordt alleen gewijzigd wanneer het wedstrijdreglement dit toestaat.

De hoofdjury stelt de wedstrijdbeslissing definitief vast en geeft deze vrij voor bekendmaking. De uitslag wordt niet bekendgemaakt voordat de controle is afgerond.

4.5. Niet-unanieme en afwijkende beslissingen

Niet-unanieme en afwijkende beslissingen worden afgehandeld volgens het geldende wedstrijdreglement.

Wanneer de hoofdjury bevoegd is een beslissing aan te passen, gebeurt dit vóór de bekendmaking van de uitslag. De aanpassing wordt gemotiveerd, vastgelegd en gemeld bij de hoofdofficial.

4.6. Administratieve fouten en technische storingen

De hoofdjury ziet erop toe dat administratieve fouten en technische storingen zo snel mogelijk worden hersteld.

Wanneer het digitale scoringssysteem niet bruikbaar is, wordt de vastgestelde reserveprocedure gevolgd. Correct vastgelegde scores blijven behouden voor zover de volledigheid en betrouwbaarheid daarvan kunnen worden vastgesteld.

4.7. Begeleiding en evaluatie van officials

De hoofdjury draagt bij aan een uniforme en professionele uitvoering van de werkzaamheden. De hoofdjury beantwoordt procedurele vragen, geeft gerichte feedback en ondersteunt officials in opleiding.

Ernstige of terugkerende tekortkomingen worden gemeld bij de hoofdofficial.

4.8. Debriefing

Na afloop van het evenement verzorgt de hoofdjury een debriefing voor de aanwezige officials.

Tijdens de debriefing worden relevante bijzonderheden, aandachtspunten en leerpunten besproken. De hoofdjury geeft feitelijke en constructieve feedback en biedt officials gelegenheid om vragen of ervaringen te delen.

Ernstige of terugkerende aandachtspunten worden gemeld bij de hoofdofficial.

4.9. Aankondigingen

Wanneer geen ringspeaker aanwezig is, verzorgt de hoofdjury de aankondiging van de wedstrijden en de bekendmaking van de officiële uitslag en/of eventuele bijzonderheden.

4.10. Vastlegging en rapportage

De hoofdjury legt relevante fouten, afwijkingen, beslissingen en incidenten feitelijk vast. Rapportage vindt plaats wanneer een bijzonderheid van belang kan zijn voor de uitslag, de beoordeling van een official, een protest of verdere behandeling door de NVB. Rapportage wordt gedeeld met de verantwoordelijk hoofdofficial en/of de NVB.

Hoofdstuk 5 Scheidsrechter

5.1. Algemeen

De scheidsrechter leidt de wedstrijd en handelt overeenkomstig het toepasselijke wedstrijdreglement.

Bij het handelen staan centraal:

het beschermen van de veiligheid van de atleten;

het bewaken van een eerlijk en ordelijk wedstrijdverloop.

De scheidsrechter handelt rustig, beslist en duidelijk en herkent tijdig situaties waarin moet worden ingegrepen.

De scheidsrechter geeft de commando’s voldoende luid en duidelijk en past deze consequent toe. De scheidsrechter voert de hierbij horende gebaren zichtbaar uit voor de atleten en de betrokken officials.

De scheidsrechter beperkt mondelinge aanwijzingen tijdens de wedstrijd tot hetgeen noodzakelijk is voor de veiligheid en het naleven van het reglement.

De scheidsrechter geeft geen tactische aanwijzingen en gaat tijdens de wedstrijd niet in discussie met atleten of coaches.

De scheidsrechter houdt rekening met de ervaring van de atleten en de klasse waarin zij uitkomen. Bij wedstrijden in de jeugdklasse, en in het bijzonder bij jeugdwedstrijden met hoofdcontact, is de veiligheid van de atleten altijd leidend bij een beslissing.

De scheidsrechter communiceert niet over de beoordeling of toe te kennen scores tijdens de wedstrijd.

5.2. Handelingen voor aanvang van de wedstrijd

Voordat de wedstrijd begint, controleert de scheidsrechter of de atleten in de juiste kleur hoek staan en de juiste kleur handschoenen dragen. Hierna controleert de scheidsrechter beide atleten.

De scheidsrechter controleert:

de handschoenen en de sluiting daarvan;

aanwezigheid van de verplichte beschermende middelen;

f geen sieraden of andere niet-toegestane voorwerpen worden gedragen;

f het lichaam of de uitrusting geen onregelmatigheden vertoont;

p het oneigenlijk gebruik van olie en irriterende stoffen.

Wanneer de controle niet in de wedstrijdruimte plaatsvindt, stelt de scheidsrechter, bij het betreden van de ring door de atleet, visueel vast dat er geen wijzigingen zijn aangebracht.

Voor de laatste instructie, voor aanvang van de wedstrijd, roept de scheidsrechter beide atleten naar het midden van de wedstijdruimte.

De scheidsrechter:

neemt een centrale positie tussen de atleten in;

geeft een korte instructie;

controleert of beide atleten de instructie hebben begrepen;

laat de atleten elkaar, indien van toepassing, begroeten;

stuurt de atleten terug naar hun hoek;

controleert of de overige officials gereed zijn;

geeft het teken voor het begin van de wedstrijd.

De instructie in de ring blijft kort. Uitgebreide uitleg over het reglement vindt plaats tijdens de rulesmeeting.

5.3. Positie tijdens de wedstrijd

De scheidsrechter beweegt voortdurend mee met de wedstrijd en voorkomt dat een vaste positie ontstaat. De afstand tot de atleten is zodanig dat de scheidsrechter het wedstrijdverloop goed kan overzien en direct kan ingrijpen wanneer dit nodig is.

Bij het kiezen van de positie houdt de scheidsrechter rekening met de stand van beide atleten. De scheidsrechter kiest waar mogelijk de open zijde, zodat het zicht op de acties behouden blijft. Bij atleten die links- of rechtsvoor staan, wordt de positie hierop aangepast.

De scheidsrechter gebruikt waar mogelijk een V-benadering. Daarbij vormen de atleten de voorste punten van een denkbeeldige V en bevindt de scheidsrechter zich op de positie van de punt van de van de V. Vanuit deze positie kan de scheidsrechter beide atleten volgen zonder zich rechtstreeks in de aanvalslijn te bevinden.

De scheidsrechter laat een voordelige positie van een atleet zo veel mogelijk in stand. De positie of beweging van de scheidsrechter mag een aanval, verdediging of ontsnappingsmogelijkheid niet onnodig beïnvloeden.

Positie voor en tussen de rondes

Tijdens de opkomst van de atleten en tijdens de rust tussen de rondes neemt de scheidsrechter plaats in een neutrale hoek. De scheidsrechter houdt vanuit deze positie zicht op de wedstrijdruimte, de atleten en de overige betrokkenen. Vanuit deze positie moet oogcontact met de hoofdjury mogelijk zijn.

Voor de start en hervatting van een ronde verplaatst de scheidsrechter zich tijdig naar een positie van waaruit de wedstrijd zonder onnodig oponthoud kan worden geleid.

5.4. Handelingen na afloop van de wedstrijd

Na het eindsignaal:

geeft de scheidsrechter het commando Stop;

beweegt de scheidsrechter tussen de atleten;

stuurt de scheidsrechter beide atleten naar de eigen hoek;

verzamelt de scheidsrechter eventueel de scorekaarten.

Voor de bekendmaking van de uitslag:

roept de scheidsrechter beide atleten naar het midden;

neemt de scheidsrechter positie tussen de atleten in;

houdt de scheidsrechter beide atleten bij de pols of onderarm vast;

heft de scheidsrechter de arm van de aangewezen winnaar.

Bij een onbeslist heft de scheidsrechter de arm van beide atleten.

De gebaren voor andere wedstrijdresultaten zijn opgenomen in de bijlage.

5.5. Commando’s en gebaren

De scheidsrechter gebruikt alleen de door de NVB vastgestelde commando’s en gebaren.

Bij ieder commando geldt dat de scheidsrechter:

een duidelijke stem gebruikt;

het commando kort en herkenbaar geeft;

gelijktijdig het bijbehorende gebaar maakt wanneer dit is voorgeschreven;

controleert of de atleten het commando opvolgen.

De commando’s worden zo veel mogelijk in het Nederlands gegeven, met uitzondering van het commando Fight en Break. Wanneer de aard van het evenement of de nationaliteit van een van de atleten hierom vraagt, worden de commando’s in het Engels gegeven.

Afbeeldingen van de commando’s en gebaren en een omschrijving van de uitvoering hiervan zijn opgenomen in de bijlage.

Commando Fight

Voor het starten of hervatten van de wedstrijd (na het commando Stop) gebruikt de scheidsrechter het commando Fight met het bijbehorende gebaar.

Voordat het commando wordt gegeven:

controleert de scheidsrechter of beide atleten gereed zijn;

controleert de scheidsrechter of voldoende afstand tussen de atleten bestaat;

neemt de scheidsrechter een positie in buiten de directe aanvalslijn.

Commando Stop

Voor het stoppen of onderbreken van de wedstrijd gebruikt de scheidsrechter indien nodig het commando Stop.

De scheidsrechter houdt er rekening mee dat een atleet het commando mogelijk niet onmiddellijk hoort. De scheidsrechter blijft daarom buiten de lijn van doorgaande technieken en grijpt gecontroleerd in.

Commando Break

Wanneer de atleten moeten worden gescheiden:

geeft de scheidsrechter het commando Break;

controleert de scheidsrechter of beide atleten daadwerkelijk loslaten;

zorgt de scheidsrechter ervoor dat beide atleten ten minste een stap achterwaarts zetten;

stapt de scheidsrechter zelf achteruit en laat de atleten zelf de wedstrijd vervolgen.

Het commando Break kan alleen worden gegeven als beide atleten in staat zijn een stap achterwaarts te maken. Als dit niet mogelijk is, wordt het commando Stop gebruikt.

Commando Tijd

Wanneer de wedstrijdtijd moet worden stilgezet:

geeft de scheidsrechter het commando Stop en vervolgens Tijd;

maakt de scheidsrechter het vastgestelde tijdgebaar;

controleert de scheidsrechter of de tijdwaarnemer heeft gereageerd;

bewaakt de scheidsrechter dat geen coaching plaatsvindt;

handelt de scheidsrechter de onderbreking af.

Voor hervatting:

controleert de scheidsrechter de positie en gereedheid van beide atleten;

maakt de scheidsrechter duidelijk dat de tijd moet worden hervat;

geeft de scheidsrechter het commando Fight.

Telling tot acht

Tijdens de telling loopt de wedstrijdtijd door. De tijd loopt door totdat de scheidsrechter de wedstrijd beëindigt of het commando Fight geeft.

Starten met tellen

Wanneer een telling moet worden gestart:

geeft de scheidsrechter, indien nodig, het commando Stop;

wijst de andere atleet naar de verst gelegen neutrale hoek;

start de telling en noemt ieder getal duidelijk in een gelijkmatig ritme in het zichtveld van de atleet;

toont ieder getal gelijktijdig met de vingers;

Wanneer de andere atleet de neutrale hoek niet bereikt of verlaat:

nderbreekt de scheidsrechter de telling;

wijst de scheidsrechter opnieuw naar de neutrale hoek;

hervat de scheidsrechter de telling zodra de instructie is opgevolgd.

Beoordeling tijdens de telling

Tijdens het tellen observeert de scheidsrechter:

· de ogen en blikrichting;

· de reactie op stem en gebaren;

· het evenwicht;

· de lichaamshouding;

· de motoriek;

· de verdedigende houding;

· de mate waarin de atleet de situatie begrijpt.

Alleen wanneer onmiddellijk medisch ingrijpen noodzakelijk is, stopt de scheidsrechter de telling voortijdig, maakt hij met het voorgeschreven gebaar duidelijk dat de wedstrijd is beëindigd en roept hij direct de ringarts.

Beoordeling bij acht

Bij de telling van acht:

staat de scheidsrechter voor de atleet;

maakt de scheidsrechter oogcontact;

beoordeelt de scheidsrechter de houding en stabiliteit;

laat de scheidsrechter de atleet de handen omhoog brengen en/of de atleet een stap naar voren zetten;

beoordeelt de scheidsrechter of de atleet voldoende alert reageert;

beslist de scheidsrechter onmiddellijk of de wedstrijd kan worden hervat.

Wanneer de wedstrijd wordt hervat:

doet de scheidsrechter een stap achteruit;

controleert de scheidsrechter de positie van de andere atleet;

geeft de scheidsrechter het commando Fight;

Wanneer de wedstrijd niet wordt hervat:

vervolgt de scheidsrechter de telling tot tien;

maakt het de scheidsrechter het bijbehorende gebaar.

Telling tot tien

Wanneer de telling tot tien wordt voortgezet:

blijft de scheidsrechter ieder getal zichtbaar en hoorbaar aangeven;

maakt de scheidsrechter bij tien duidelijk dat de wedstrijd is beëindigd met het voorgeschreven gebaar;

communiceert de scheidsrechter de beëindiging aan de hoofdjury.

5.6. Handelen bij overtredingen

De inhoudelijke beoordeling van overtredingen vindt plaats op grond van het wedstrijdreglement. Deze paragraaf beschrijft hoe de scheidsrechter handelt nadat een overtreding is waargenomen.

De gebaren die horen bij een onrechtmatige handeling zijn opgenomen in de bijlage.

Overtreding zonder directe onderbreking

Bij een lichte overtreding waarbij direct onderbreken niet noodzakelijk is:

geeft de scheidsrechter een korte mondelinge aanwijzing (vermaning);

gebruikt de scheidsrechter zo nodig de naam of kleur van de hoek van de atleet;

maakt de scheidsrechter eventueel een kort herkenbaar gebaar;

blijft de scheidsrechter de actie volgen;

nderbreekt de scheidsrechter de wedstrijd wanneer de overtreding voortduurt.

De scheidsrechter geeft geen lange uitleg terwijl de wedstrijd doorgaat.

Overtreding met onderbreking

Bij een (officiële) waarschuwing moet de wedstrijd worden onderbroken.

Bij een waarschuwing:

geeft de scheidsrechter het commando Stop;

neemt de scheidsrechter positie in voor de betreffende atleet;

benoemt of toont de scheidsrechter kort de overtreding;

maakt de scheidsrechter het waarschuwingsgebaar;

controleert de scheidsrechter of de atleet de waarschuwing begrijpt;

geeft de scheidsrechter het commando Fight;

Bij een officiële waarschuwing:

geeft de scheidsrechter het commando Stop;

geeft de scheidsrechter het commando Tijd;

stuurt de scheidsrechter de andere atleet naar een neutrale hoek;

brengt de scheidsrechter de overtredende atleet naar het midden van de ring;

toont de scheidsrechter de overtreding met het bijbehorende gebaar;

maakt de scheidsrechter het gebaar voor officiële waarschuwing;

bewaakt de scheidsrechter dat geen coaching plaatsvindt;

draait de scheidsrechter zich naar de overige juryleden en hoofdjury;

brengt de scheidsrechter beide atleten terug in een neutrale startpositie;

geeft de scheidsrechter het commando Fight;

Onvoldoende zekerheid over de waarneming

Wanneer de scheidsrechter een handeling niet volledig heeft kunnen waarnemen, raadpleegt deze de hoofdjury en/of de overige juryleden.

5.7. Handelen bij blessures

De scheidsrechter let op zichtbare of opvallende veranderingen in de fysieke of mentale toestand van de atleet, zoals evenwichtsverlies, vertraagde reacties, desoriëntatie, hevige pijn, bloedingen, open wonden, scheurtjes of andere zichtbare beschadigingen en afwijkend bewegen.

Wanneer een blessure ontstaat of wordt vermoed:

geeft de scheidsrechter het commando Stop;

stuurt de andere atleet naar een neutrale hoek;

geeft de scheidsrechter het commando Tijd;

roept de scheidsrechter de ringarts.

Tijdens de medische beoordeling:

voorkomt de scheidsrechter dat coaches of andere personen zonder toestemming naderen;

bewaakt de scheidsrechter dat geen coaching plaatsvindt;

blijft de scheidsrechter beschikbaar voor vragen van de ringarts;

houdt de scheidsrechter zicht op de andere atleet en de neutrale hoek.

De scheidsrechter behandelt de atleet niet zelf.

Hoofdstuk 6 Jurylid

6.1. Algemeen

Een jurylid beoordeelt iedere wedstrijd zelfstandig en volgens het geldende wedstrijdreglement.

Een jurylid:

volgt de wedstrijd onafgebroken;

past de geldende scoringscriteria zorgvuldig en consequent toe;

legt direct na iedere ronde een score vast;

verwerkt de door de scheidsrechter kenbaar gemaakte beslissingen;

meldt fouten, onduidelijkheden en technische problemen direct bij de hoofdjury.

6.2. Voorbereiding, zitpositie en zicht

Een jurylid neemt tijdig plaats op de toegewezen positie en controleert vóór de wedstrijd of:

de wedstrijdruimte voldoende zichtbaar is;

de scorekaart en/of het digitale scoringssysteem gereed zijn;

de juiste wedstrijd en atleten zijn vermeld.

Een belemmerd zicht of technisch probleem wordt vóór de start gemeld bij de hoofdjury. Het jurylid blijft tijdens de wedstrijd op de toegewezen positie en richt de aandacht volledig op de wedstrijd.

6.3. Onafhankelijke beoordeling en onderling overleg

Ieder jurylid komt zelfstandig tot een beoordeling. Overleg of op een andere wijze communicatie over de beoordeling, tussenstand of toe te kennen score is tijdens de wedstrijd niet toegestaan.

Een jurylid:

geeft geen signalen of aanwijzingen aan andere juryleden;

vraagt niet naar de beoordeling van een ander jurylid;

toont de eigen score niet aan andere juryleden of onbevoegde personen;

laat zich niet beïnvloeden door publiek, coaches, eerdere uitslagen of reacties van anderen;

bespreekt de beoordeling niet met atleten, coaches of andere betrokkenen.

Procedurele vragen en technische problemen worden voorgelegd aan de hoofdjury.

6.4. Beoordeling en score van een ronde

Iedere ronde wordt afzonderlijk beoordeeld volgens de scoringscriteria en het puntensysteem uit het geldende wedstrijdreglement.

Het jurylid beoordeelt de ronde op basis van de eigen waarneming en bepaalt na afloop van de ronde de score. De beoordeling wordt niet uitgesteld tot het einde van de wedstrijd en wordt niet beïnvloed door eerdere rondes.

Alleen handelingen die volgens het wedstrijdreglement meetellen, worden in de beoordeling betrokken. Wanneer de atleten op het eerste scoringscriterium gelijkwaardig zijn, past het jurylid de aanvullende criteria in de voorgeschreven volgorde toe.

Het jurylid kan klikkers gebruiken als hulpmiddel bij het tellen van scorende technieken. Het gebruik van klikkers vervangt niet de eigen beoordeling en de toepassing van de geldende scoringscriteria.

6.5. Verwerken van knockdowns en officiële waarschuwingen.

Het jurylid verwerkt knockdowns en officiële waarschuwingen zoals deze door de scheidsrechter kenbaar zijn gemaakt.

Het jurylid:

bepaalt eerst de score van de ronde;

verwerkt daarna de door de scheidsrechter opgelegde gevolgen;

controleert of deze bij de juiste atleet en in de juiste ronde zijn geregistreerd.

Een jurylid stelt niet zelfstandig vast dat sprake is van een knockdown en officiële waarschuwing. Bij onduidelijkheid wordt direct contact opgenomen met de hoofdjury.

6.6. Vastleggen en indienen van de score

Het jurylid legt de score direct na iedere ronde vast in het digitale scoringssysteem en/of op de papieren scorekaart.

Voor het indienen controleert het jurylid:

f de juiste wedstrijd en ronde zijn geselecteerd;

f voor beide atleten een score is ingevuld;

f knockdowns en officiële waarschuwingen correct zijn verwerkt;

f alle verplichte velden volledig en juist zijn ingevuld;

f de digitale en papieren score met elkaar overeenkomen.

De papieren scorekaart wordt volledig en duidelijk leesbaar ingevuld. Alle velden die voor de betreffende wedstrijd van toepassing zijn, worden ingevuld. Het jurylid voorkomt dat onbevoegde personen de score kunnen inzien of wijzigen.

6.7. Fouten en technische storingen

Een mogelijke invoerfout, onvolledige score of technische storing wordt direct gemeld bij de hoofdjury. Een ingediende score wordt alleen gecorrigeerd wanneer sprake is van een aantoonbare administratieve of invoerfout.

Bij uitval van het digitale scoringssysteem volgt het jurylid de aangewezen reserveprocedure en gebruikt de papieren scorekaart.

6.8. Gedrag tijdens en na de wedstrijd

Een jurylid gedraagt zich tijdens en na de wedstrijd neutraal en terughoudend.

Een jurylid:

reageert niet zichtbaar op acties of beslissingen;

coacht of ondersteunt geen van beide atleten;

voorkomt gesprekken en andere afleiding tijdens de wedstrijd;

bespreekt de beoordeling niet met atleten, coaches, publiek of media;

verwijst vragen en bezwaren naar de hoofdjury of hoofdofficial;

werkt mee aan een evaluatie wanneer de hoofdjury of hoofdofficial daarom vraagt.

Hoofdstuk 7 Tijdwaarnemer

7.1. Algemeen

De tijdwaarnemer is verantwoordelijk voor een juiste en nauwkeurige tijdregistratie tijdens de wedstrijd.

De tijdwaarnemer:

controleert vóór aanvang de werking van de klok, bel en eventuele reservemiddelen;

volgt de wedstrijd voortdurend;

voert aanwijzingen van de scheidsrechter direct uit;

geeft de voorgeschreven tijdsignalen duidelijk en tijdig;

meldt fouten, onduidelijkheden en technische problemen direct bij de hoofdjury.

De tijdwaarnemer wijzigt de tijdregistratie alleen op aanwijzing van de scheidsrechter of hoofdjury of wanneer het geldende wedstrijdreglement dit voorschrijft.

7.2. Start en einde van de ronde

De tijdwaarnemer start de tijd bij het officiële begin van de ronde en geeft het einde van de ronde aan met het daarvoor bestemde signaal.

Tien seconden voor het einde van de ronde geeft de tijdwaarnemer het afgesproken signaal, zodat de scheidsrechter weet dat het einde van de ronde nadert.

De tijdwaarnemer ziet erop toe dat:

de juiste wedstrijd- en rondetijd wordt gebruikt;

de tijd niet vóór het officiële begin van de ronde start;

het signaal voor de laatste tien seconden op het juiste moment wordt gegeven;

het eindsignaal direct na het verstrijken van de rondetijd wordt gegeven;

de klok na iedere ronde correct wordt ingesteld voor de volgende ronde.

Wanneer het einde van de ronde samenvalt met een handeling of beslissing van de scheidsrechter, blijft de scheidsrechter verantwoordelijk voor de verdere afhandeling van de wedstrijd.

7.3. Pauze- en hersteltijden

De tijdwaarnemer bewaakt de pauzes tussen de rondes en de hersteltijden die volgens het wedstrijdreglement worden toegekend.

De tijdwaarnemer geeft tijdig aan wanneer:

de pauze bijna is verstreken;

de volgende ronde moet beginnen;

een toegekende hersteltijd is verstreken.

Een hersteltijd wordt alleen gestart, onderbroken of beëindigd op aanwijzing van de scheidsrechter of volgens de daarvoor geldende procedure.

7.4. Stopzetten en hervatten van de tijd

De tijdwaarnemer stopt de tijd onmiddellijk wanneer de scheidsrechter dit aangeeft en hervat de tijd na het daarvoor bestemde signaal.

De tijdwaarnemer voorkomt dat tijdens een onderbreking onbedoeld wedstrijdtijd doorloopt.

Bij een fout of technische storing wordt de hoofdjury direct geïnformeerd. Wanneer de juiste wedstrijdtijd niet betrouwbaar kan worden vastgesteld, wordt de vastgestelde reserveprocedure gevolgd.

Hoofdstuk 8 Scorekeeper

8.1. Algemeen

De scorekeeper ondersteunt de hoofdjury bij de administratieve verwerking van de scores en wedstrijdbeslissingen.

De scorekeeper:

ntvangt en verwerkt de scores van de juryleden;

registreert de door de scheidsrechter kenbaar gemaakte beslissingen;

controleert de wedstrijdadministratie op volledigheid;

berekent de voorlopige uitslag;

legt fouten, afwijkingen en onduidelijkheden direct voor aan de hoofdjury.

De scorekeeper beoordeelt de wedstrijd niet zelfstandig en wijzigt geen score of beslissing van een official.

Wanneer geen afzonderlijke scorekeeper is ingezet, worden deze werkzaamheden uitgevoerd door de hoofdjury.

8.2. Controle van scorekaarten

De scorekeeper controleert of de papieren scorekaarten en, indien gebruikt, de digitale scores volledig en juist zijn ingevuld.

Daarbij wordt gecontroleerd of:

de juiste wedstrijd, atleten en ronde zijn vermeld;

alle verplichte velden zijn ingevuld;

voor beide atleten een score is geregistreerd;

de digitale en papieren scores met elkaar overeenkomen wanneer een digitaal scoringssysteem wordt gebruikt.

Een ontbrekende, onvolledige of afwijkende score wordt direct voorgelegd aan de hoofdjury. De scorekeeper corrigeert een score niet zelfstandig.

Registratie van knockdowns en officiële waarschuwingen

De scorekeeper registreert de door de scheidsrechter kenbaar gemaakte knockdowns en officiële waarschuwingen.

De scorekeeper controleert of deze bij de juiste atleet en in de juiste ronde zijn verwerkt. Bij onduidelijkheid wordt de hoofdjury direct geïnformeerd.

8.4. Berekening van de uitslag

Na afloop van de wedstrijd berekent de scorekeeper de voorlopige uitslag op basis van de ingediende scores en geregistreerde beslissingen.

De berekende uitslag wordt ter controle voorgelegd aan de hoofdjury. De scorekeeper stelt de uitslag niet zelfstandig definitief vast en geeft deze niet vrij voor bekendmaking.

8.5. Inleveren en beheren van wedstrijdgegevens

De scorekeeper zorgt ervoor dat de papieren scorekaarten en overige wedstrijdgegevens na afloop volledig en volgens de geldende werkwijze worden verzameld en overgedragen.

Wanneer een digitaal scoringssysteem wordt gebruikt, blijven de papieren scorekaarten leidend als vast onderdeel van de wedstrijdadministratie.

Wedstrijdgegevens worden zorgvuldig behandeld en zijn alleen toegankelijk voor personen die deze voor hun functie nodig hebben.

Bij een administratieve fout of technische storing wordt de hoofdjury direct geïnformeerd en wordt de vastgestelde procedure gevolgd.

Hoofdstuk 9 Ringinspecteur

9.1. Algemeen

De ringinspecteur houdt toezicht op de orde en het handelen van atleten, coaches en verzorgers rondom de ring en tijdens de daarvoor toegestane momenten in de ring.

Wanneer een ringinspecteur wordt ingezet, maakt deze deel uit van het officialteam en handelt deze onder verantwoordelijkheid van de hoofdofficial en onder operationele leiding van de hoofdjury.

De ringinspecteur ondersteunt de scheidsrechter en hoofdjury door onregelmatigheden en bijzonderheden te signaleren die buiten het directe zicht van de scheidsrechter plaatsvinden.

9.2. Toezicht

De ringinspecteur houdt vóór de wedstrijd en tijdens de pauzes tussen de rondes toezicht op het gedrag en handelen van atleten, coaches en verzorgers.

De ringinspecteur ziet erop toe dat:

uitsluitend bevoegde personen zich op de daarvoor toegestane plaatsen bevinden;

coaches en verzorgers binnen hun bevoegdheden handelen;

geen verboden of oneigenlijke handelingen plaatsvinden;

uitsluitend toegestane materialen en middelen worden gebruikt;

de ring tijdig wordt verlaten voordat de wedstrijd wordt hervat.

9.3. Signaleren en melden

De ringinspecteur meldt een geconstateerde overtreding, onregelmatigheid of andere relevante bijzonderheid direct aan de scheidsrechter of hoofdjury.

De ringinspecteur neemt geen wedstrijdtechnische beslissing die aan de scheidsrechter of hoofdjury is voorbehouden.

Hoofdstuk 10 Slotbepalingen

10.1. Situaties waarin het reglement niet voorziet

In situaties waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur van de Nederlandse Vechtsportbond.

Het bestuur kan deze bevoegdheid mandateren aan een door het bestuur aangewezen persoon.

10.2. Inwerkingtreding

Dit reglement treedt in werking op 1 oktober 2026.

Met ingang van die datum vervallen eerdere bepalingen of werkwijzen voor zover deze in strijd zijn met dit reglement.

Bijlage 1 Commando’s en handgebaren

De afbeeldingen in deze bijlage zijn met behulp van kunstmatige intelligentie (AI) gegenereerd.

Commando

Afbeelding

Uitvoering

Fight

De arm en hand bewegen verticaal in een rechte lijn van boven naar beneden.

Stop

Het commando Stop is een verbaal commando dat zonder gebaar gegeven wordt.

Wanner het commando niet duidelijk is kan bij de uitleg, het gebaar op de afbeelding worden gebruikt.

Eén arm wordt naar voren gestrekt met de handpalm naar voren gericht.

Break

Het commando Break is een verbaal commando dat zonder gebaar gegeven wordt.

Wanner het commando niet duidelijk is kan bij de uitleg, het gebaar op de afbeelding worden gebruikt.

Beide armen worden voor het lichaam gehouden en bewegen gelijktijdig naar buiten.

Tijd

De armen en handen vormen een denkbeeldige letter T.

Tellen

Eén hand wordt boven het hoofd gehouden en geeft met de vingers het telverloop aan.

Het tellen moet zichtbaar zijn voor de atleet. Indien nodig wordt de positie van de hand(en) hierop aangepast.

Waarschuwing

Eén hand wordt met gestrekte wijsvinger omhoog naast het hoofd gehouden.

Officiële waarschuwing/minpunt

Eén arm maakt voor het lichaam een duidelijke cirkelende beweging naar beneden.

Einde wedstrijd bij TKO/KO

Beide armen worden boven het hoofd gehouden en bewegen herhaald zijwaarts heen en weer.

Diskwalificatie

Beide armen worden boven het hoofd gekruist.

No contest

Beide armen worden voor het lichaam gekruist.

Laag inkomen met het hoofd of kopstoot

Met één hand wordt naar het voorhoofd gewezen. Eventueel wordt daarbij een neerwaartse beweging met het hoofd gemaakt.

Niet vasthouden

Beide handen worden voor de kin gebracht, alsof de tegenstander wordt vastgehouden.

Niet praten

Eén hand wordt voor de mond gehouden met de wijsvinger gestrekt omhoog.

Geraakt met onderarm

Eén hand wijst naar de onderarm van de andere arm, die voor het lichaam wordt gehouden.

Geraakt met knie

Eén hand wijst naar de opgetrokken knie.

Geraakt met elleboog

Eén hand wijst naar de elleboog van de andere arm, die voor het lichaam wordt gehouden.

Geraakt op het achterhoofd

Eén hand wijst naar het achterhoofd.

Niet omdraaien

Eén hand wordt met gestrekte wijsvinger naast het hoofd gehouden en maakt een cirkelende beweging.

Niet duwen

Beide handen worden voor het lichaam gehouden en maken gelijktijdig een duidelijke duwende beweging naar voren.

Bijlage 2 Eisen wedstrijdruimte

Ring

De ring moet aan onderstaande eisen voldoen:

Afmetingen en Hoogte

Binnenmaat:

De ring heeft een minimale binnenmaat van 4,5 x 4,5 meter en een maximale binnenmaat van 6,5 x 6,5 meter.

Platformhoogte

De ringvloer bevindt zich op een hoogte van maximaal 120 centimeter vanaf de zaalvloer.

Toegang

Bij beide hoeken van de deelnemers moet een trap geïnstalleerd zijn om de toegang tot de ring te vergemakkelijken.

Constructie en ringvloer

Basisvloer

De ringvloer heeft een veilige, geheel vlakke constructie zonder uitsteeksels en is licht verend.

Demping

De vloer is volledig belegd met aaneengesloten schuimrubberplaten van ten minste 2 centimeter dikte, zodanig geplaatst dat verschuiven onmogelijk is.

Afwerking

Over de dempingsplaten is een strak gespannen canvas aangebracht.

Ring- en valtouwen

Specificaties

De ring is uitgerust met ten minste vier ringtouwen met een dikte tussen de 3 en 5 centimeter. De touwen zijn omwonden met een zacht en glad materiaal.

Afstelling en hoogte

Het bovenste touw is strak gespannen op ten minste 120 centimeter hoogte en is voorzien van een breekbeveiliging. Het laagste touw bevindt zich op circa 40 centimeter hoogte. Dit touw is bewust losser gespannen om een eventuele val van een deelnemer te dempen.

Verbindingen

Tussen de touwen is aan iedere zijde minimaal 1 valtouw aangebracht om de touwen onderling te fixeren. De touwen zijn middels een deugdelijke bevestiging vastgemaakt aan de ring.

Hoekaanduiding en kleurcodering

Vechtershoeken

De tegenover elkaar liggende hoeken zijn voorzien van polsters (hoekkussens) in de kleuren rood of wit en blauw of zwart. Deze kussens zijn zodanig bevestigd dat de hoekpalen en vooral de bovenzijde van deze palen bedekt worden met het kussen.

Neutrale hoeken

De overige twee hoeken hebben een afwijkende kleur en fungeren als neutrale hoeken.

Positionering

De rode of witte hoek bevindt zich aan de linkerzijde van de hoofdjurytafel.

Veiligheidszones en afstanden

· Plaatsing

De ring moet zo geplaatst zijn dat deelnemers geen letsel kunnen oplopen wanneer de touwen doorveren.

· Afstand tot muren en obstakels

De minimale afstand tussen de ring(touwen) en de muur of andere objecten bedraagt 1 meter (en bij voorkeur 1,20 meter wanneer de locatie dit toelaat).

· Publieksafstand

Tussen het publiek en de jurytafels moet een minimale afstand van 1,5 meter worden aangehouden. Waar nodig mag de hoofdjury een fysieke afscheiding tussen het publiek en de officials eisen.

Verlichting

· Lichtsterkte

Er dient voldoende en gelijkmatige verlichting boven de ring aanwezig te zijn, zodat de partij te allen tijde correct begeleid en nauwkeurig beoordeeld kan worden.

· Positionering

De lichtbronnen moeten zodanig zijn aangebracht en afgesteld dat zij de atleten en officials (zoels scheidsrechters en juryleden) niet verblinden of hinderen in hun zicht.

Kooi

De kooi moet aan onderstaande eisen voldoen:

De vloer van de kooi mag maximaal 125 centimeter boven de vloer van de accommodatie verheven zijn.

De afstand tussen de vloer van de kooi en de bovenkant van het omringende hekwerk moet minimaal 180 centimeter zijn. Oppervlakte

De vloer van de kooi moet bedekt zijn met schokabsorberend materiaal met canvas over een laag matten van minimaal 1 inch (2,54 cm) dik, dat in goede staat verkeert en dat aan het begin van elke ronde vrij is van vloeistoffen.

Op het canvas of de matten mogen zich geen gladde stickers bevinden van bijvoorbeeld de promotor of sponsoren. De vloer is vlak en gelijkmatig en is stevig bevestigd. Omheining

De oppervlakte moet zijn omgeven met hekwerk, bestaande uit minimaal 6 zijden. De omheining en de oppervlakte van de kooi mag ook cirkelvormig zijn.

Elk verbindingsstuk van het hek en de gehele bovenkant van het hek moet zijn bepakt met padding zodat deelnemers zich hier niet aan kunnen bezeren. Alle metalen delen van de kooi moeten met padding beschermd zijn.

Het (gaas van het) hek mag op geen enkele manier onder de padding uitsteken. Belichting

De kooi moet in zijn volledigheid goed belicht zijn. De kooi moet direct van boven belicht zijn. De belichting mag de vechters en de officials op geen enkele manier het zicht belemmeren. Omgeving en toegang

Op de kooi mogen zich geen voorwerpen (zoals bijvoorbeeld belts, bekers of medailles) bevinden. Met uitzondering van benodigdheden voor de officials.

Er moet minimaal één trap naar de kooi zijn.

Tussen het publiek en de jurytafels moet een minimale afstand van 1,5 meter worden aangehouden. Waar nodig mag de hoofdjury een fysieke afscheiding tussen het publiek en de officials eisen.

Bijlage 3 Wijzigingen

Versie document

Wijzigingen

Versie 1.0

Eerste versie oktober 2026

Alle reglementen

Typ minimaal 2 letters. Zoek bijvoorbeeld op wedstrijdreglement, Fightcard of vechter.